bentenge

There is a crack in everything. That's how the light gets in/out.


22 reacties

Let’s go…

Outside.

Het liedje kwam in me op aan het einde van de strijd tegen de inspiratie-leegte. Een gouden raad mag men eigenlijk nooit in de wind slaan. Ik wist dus niet waarover schrijven en ging eens (ondanks de lichte regen) naar buiten, keek gewoon eens rond me, en vond een schat aan inspiratie !

Wandelend onder van puur genot zinderende hoogspanningsdraden keken de hond en ik even naar het bord aan het einde van de straat. Vanaf hier gaat de macadam, zijnde de asfaltweg, over in een iets alternatieve versie.

WP_20160522_08_51_44_Pro

Ik zag de hond denken, paarden naar rechts, waar moet ik dan heen ?  Dus bleef zij (ah ja, ik omring me enkel met dames he) even twijfelen en bleef ik even staren naar het bord erboven. Okee dacht ik, hier ligt ergens een heuvel ? Maar toen daagde het me, want jaren geleden heb ik ooit eens een boekje moeten instuderen, waarna ik plaatjes moest herkennen en meerkeuzegewijs beoordelen vooraleer ik een papiertje kon krijgen waarmee ik dan op het gaspedaal mocht leren duwen. En in dat boekje stond geschreven dat na dit bord een verkeersdrempel moet te vinden zijn. Ik riep gelijk naar de hond “pas op, verkeersdrempel” ! Waardoor zij gelijk stevig in de remmen ging en we beiden de situatie inschatten. Voor de duidelijkheid, het “inschatten” staat in de verleden tijd, op dit moment ben ik daar dus niet meer mee bezig. Maar goed, ik dwaal af. We beoordeelden dus beiden de realiteit :

WP_20160522_08_51_59_Pro

Yep, het is duidelijk ! Het bord in kwestie was dus inderdaad een verkeersbord, want een heuvel valt in het landschap alvast niet te bespeuren. Ik keek de ogen uit mijn kop, maar geen verkeersdrempel ! Verdemme dacht ik : we worden door een bord bij de neus genomen want hier ligt dus niet één, maar zowaar vier behoorlijk goed verstopte heuveltjes. De hond en ik dachten simultaan : neeeeee, daar kan ik (dacht de hond)/de hond (dacht ik) niet voorbij, want die dienen om ongewenste vierwielers (niet landbouwvoertuigen) tegen te houden. Onze hond graaft dan wel regelmatig putten, maar daarmee zou ik haar nog niet als landbouwer bestempelen. We gingen dus, gedreven door gehoorzaamheid aan de door de overheid opgelegde bepalingen, naar links.

WP_20160522_09_08_26_Pro

Na wat wandelen passeerde we een hoeve die wat verloren ligt in het landschap. Ze ligt immers 500m voorbij de industriezone aan de rand van de groenzone. Tijdens de week dient ze als werk- en opslagplaats voor een bouwbedrijf, maar persoonlijk vraag ik me af wat je op een zondagmorgen aantreft als je op je tippen gaat staan en een blik gooit door de in het venster (door het paard uit de wei ernaast) aangebrachte beschadiging. Zonder twijfel zie je de figuranten die hierboven in de muziekclip te vinden zijn de laatste loodjes leggen aan hun volgende filmpje. Het is dat ik gehaast was om dit logje te schrijven, anders had ik er wel even de tijd voor genomen. Zo’n honderd meter verder lachte een container me gewoon vierkant (!) uit vanwege het feit dat ik de kans op zoveel plezier aan me had laten voorbij gaan.

WP_20160522_09_09_03_Pro

De volgende keer dat ik nog eens naar buiten ga zal ik die kans op een nog zoveel spannender logje niet aan me laten voorbij gaan.

 

 

 

 

 

 

 


15 reacties

Rooie oortjes.

Kom je hier al langer dan even lezen ? Ja ? Dan weet je het antwoord op volgende vraag zonder een seconde te aarzelen : welke stripverhalen deden vroeger de tijd stilstaan terwijl ik ze verslond aan de lopende band ?

 

 

 

Je ziet het, ik liet u even bedenktijd. Hopelijk keek je niet stiekem naar de titel ? Want anders kwam je op dit uit :

rooie oortjes

 

Zaterdagmorgen vlogen wij uit de veren. Iets dat we doordeweeks net wat minder vlot doen. Maar ja, wat wil je, een zaterdag is een vrije werkdag. Dat wil zeggen, we moeten nog altijd “werken”, maar dan niet voor een ander wel voor onszelf. En dus stonden we rond 8u24 aan de winkel met de laagste prijzen. Ahum, zo’n halfuurtje vroeger had mijn echtgenote me gevraagd wanneer de winkel openging, en met kennis van zaken had ik 8.00uur als antwoord gegeven.  Niet dus. Stond ik daar gelijk met rooie oortjes te koekeloeren, en mijn wederhelft samen met mij. Nu ja, 6 minuten is geen eeuwigheid, je kunt immers met moeite een deftige strip verslinden in die tijdspanne. Eenmaal binnen winkelden we er lustig op los. Werkelijk bijna alles vloog in onze winkelkar, het kon niet op. Als je het breed hebt mag je het breed laten hangen ? Enfin, neem de zin hiervoor maar gerust met wat korreltjes zout (en die er voor ook), want wat er stond dat was overdreven.

De rayon met de strips sla ik zelden over, want heel af en toe koop ik voor dochterlief een Kiekeboetje, een Sus&Wisje of als het echt niet anders kan een Jommeke of een Kampioentje.

Maar deze keer stond ik in dubio. Onder het motto dat het album maar 4.95 kostte en dat oude liefde niet roest (al ziet het item van vroegere  begeerte er dan ondertussen al wat verouderd en minder appetijtelijk uit) kocht ik dan maar nog eens een stripverhaal voor mezelf. Dat moet echt waar een eeuwigheid geleden zijn ! Maar kijk, ik deed het toch maar :

WP_20160516_09_24_24_Pro

Yep ! Album 250 ! Even meegeven dat het afhaken een eeuwigheid geleden gebeurde bij album 109, de Leeuw van Vlaanderen. Het is gelijk ook het eerste en enigste album in mijn collectie waar de rode ridder effectief in het rood zijn kunsten vertoont, al de rest is eerder de grijze of bruine of zwarte ridder. Goed, even meegeven dat ik meer dan één strip bezit van de rode ridder:

01

Sinds zaterdag ben ik nu dus ook de bezitter van strip 250. De titel van deze strip : “de uitverkorene”. Ik zocht het even voor je op : tot en met nummer 249 prijkt alleen de naam Willy Vandersteen op de cover. In lijn met de Rooie Oortjes wordt in nummer 250 aangegeven dat niet langer één man de strip draagt, dus vind je er tegenwoordig drie namen : Willy Vandersteen / Marc Legendre / Fabio Bono.

Dat het een stijlbreuk is zou ik na het lezen van de strip een understatement durven noemen. By the way, ik zat gisteravond (dinsdag that is) op mijn gemak naar “Eagle Eye” te kijken toen de reclame bruut mijn focus op Michelle afbrak. Groot was mijn verbazing toen in de reeks met aanprijzingen ook de rode ridder voorbij kwam. Sjonge, van een trendbreuk gesproken. Nu goed, om een lang verhaal kort te maken : de rode ridder strip is niet meer wat hij was. Ik loop even met je mee door wat me (chronologisch) opviel toen ik, nietsvermoedend van wat zich tussen nummer 109 en 250 afspeelde op teken- en verhaalvlak, strip 250 las.

De eerste bladzijde confronteerde me direct met de nieuwe tekenstijl. Niet slecht dacht ik. Toen draaide ik de bladzijde om en kreeg gelijk een rooie oortjes gevoel in plaats van een rode ridder gevoel :

WP_20160516_10_21_40_Pro

De gevisualiseerde blote borsten, dat is nieuw ! En de tekenaar brengt ze direct ook in perfect symmetrisch gevormde en groot uitgevallen vorm. Bon goed. De tijden zijn veranderd denk ik dan. En bloot doet verkopen ? Op bladzijde drie slaat de onderbroken erotiek om in een IS waardig alternatief :

WP_20160516_10_22_00_Pro

Pas op bladzijde 7 verschijnt Johan voor de eerste keer op het toneel, en dan nog wel in een droom. Daarna is het alweer een paar bladzijden wachten tot hij in het echt de strip in duikt. De nieuwe strip heeft twee gezichten, zoals je hierboven kon zien. Naast de rode ridder gaat ook jongedame Allis een rol van betekenis spelen, dat wist de achterflap me immers reeds vooraf te vertellen. Op bladzijde 12 zit Allis in een soort slaapkleed aan het vuur als er op de deur geklopt wordt… onvoorstelbaar, maar het is de dolende rode ridder die na zijn verschijning in haar visioen nu in het echt in haar leven stapt. Je slaapkleed zou voor minder gaan afzakken tot tepelhoogte :

WP_20160516_10_23_38_Pro

Maar elke deftige jongedame heeft snel door dat ze in avondtenue geen ridder kan ontvangen, en in no time to waste kleedt ze zich om met als doel de (rode) ridder toch bij haar uit te nodigen.

In de paralelle verhaallijn is Torn, de vriend van de vrouw met de perfecte grote borsten van blz 2, nog op zoek naar de liefde van zijn leven die door de stoute Malfrat voor eigen genot werd meegenomen naar zijn burcht. Die zoektocht loopt helaas slecht af, want het bloed spat uit zijn lijf op het moment dat de morgenster zich in hem boort.

WP_20160516_10_24_13_Pro

Goed, ook dat herinner ik me niet van de vroegere versie. Daar werd wel bloed vergoten maar bij mijn weten niet gevisualiseerd. Jammer genoeg is Torn (en die van zijn twee kompanen die gingen helpen) zijn lijdensweg nog niet ten einde. In stijl wordt zijn verminkte lichaam op een schand- en afschrikpaal geplaatst. Woehoe ! Tegenwoordig kan men in rode ridder strips ook leren hoe een “piemel” eruit ziet.

WP_20160516_10_24_55_Pro

De rode ridder, op de dool en in niets lijkend op de fiere ronde tafelridder van weleer, denkt dan maar zijn eigen weg te gaan, maar dan komt de kat uit de mouw :

WP_20160516_10_25_23_Pro

Non dormit qui custodit. Merlijn had hem jaren terug gezegd dat wie dit uitsprak zijn bescherming moest krijgen en stante pede naar Camelot moest gebracht worden. Et voila, de ridder zit opgescheept met een jonge deerne die niet naar hem luistert en een beetje doet wat ze wil. Toch zal hij haar telkens opnieuw moeten redden van gevaren. En die loeren overal om de hoek / boom :

WP_20160516_10_25_56_Pro

Maar de rode ridder is dus ook in strip 250 nog een sterk zwaardvechter :

WP_20160516_10_26_06_Pro

De recherhand van de schelm, die net er voor de borst van Allis omsloot, telt na de confrontatie met het zwaard van ridder Johan een paar vingers minder. Ook dat wordt mooi in beeld gebracht. Ook aan de dames heeft de tekenaar gedacht : kijk eens hoe hij die te(m)pel (en sixpack) van een ridderlijk lichaam in beeld bracht :

WP_20160516_10_26_46_Pro

De ridder blijkt evenwel zeer menselijk te zijn, want het gestroopte lichaam van Allis beste vriend brengt het minder goede in hem naar boven :

WP_20160516_10_27_04_Pro

Wat er ook van weze, de uitverkorene (Allis) wordt helaas ontvoerd en de strip eindigt “open” met een directe uitnodiging tot het aankopen van het volgende deel.

Hehe, denk ik dan, en misschien dacht je het niet na het lezen van dit logje, maar IK BEN FAN van de rode ridder nieuwe stijl ! Laat die andere maar komen !

Ik ga er uit met het beeldje dat in strip 250 een link maakt naar de rode ridder oude stijl. Nachten lag ik als jonge snaak wakker van de rode ridder’s nooit opgevende tegenstander :

WP_20160516_10_29_13_Pro

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Link 1.

 


20 reacties

Ik ben het kwijt.

Regelmatig maak ik in mijn hoofd de korte versie van een volgend logje. Dat neemt elke keer weer fantastische vormen aan, en de inhoud is onvoorstelbaar interessant. Maar het moment dat ik de computer open klap denk ik doorgaans: laat me eerst nog eens een logje lezen van iemand anders. Het resultaat is meestal dat het logje er niet komt. Lezen is tegenwoordig interessanter (en minder tijdrovend) dan zelf iets neertypen.

Maar kijk, daarstraks las ik dus dit : https://secondpartofmylife.wordpress.com/2016/05/15/the-pannenkoekchallenge-12/

En toen dacht ik, tiens, hoe zat dat nu weer met mijn maandelijks stukje ter ere van Polleke, zijnde den Gepande Koek, zijn challenge ? Heb ik het stukje voor april wel gerealiseerd ? Ja dus. Oef. Eén van de topics die ik in gedachten had was alweer visueel van aard.

Deze morgen las ik alweer wat stukjes van anderen. Eentje was van de artist formerly known as “dien van Bruhhe”, tegenwoordig gekend onder den ongelooflijke Thomas Pannenkoek, en vooral de wereld rondreizend aangezien Brugge te klein en te passé is. Een mens wil al eens iets nieuws, niet. Maar goed, heel misschien blijft hij straks toch even in zijn favoriete stad, want als alles goed gaat zal FCB voor het eerst in wat een eeuwigheid is nog eens de titel op zak kunnen steken en vieren ! Mijn sjaal hangt alvast (net als vorig jaar ahuuuum) klaar :

WP_20160515_12_01_56_Pro

Deze morgen op weg naar de bakker bleek ik alvast niet de enigste te zijn… al doen sommigen het duidelijker en was aan de overkant van de straat nog iemand ruw wakker aan het worden uit een droom (hoop ik).

WP_20160515_07_04_27_Pro

Ach ja, voor de duidelijkheid : mogelijks wordt FC Bruges vandaag kampioen van België. Daar moet het wel even Anderlecht voor “kloppen”. Kampioen, het mag al eens na 11 jaar zonder die zo fel begeerde trofee. Brugge, het blijft voor altijd de ploeg van mijn hart. Goed, ondertussen ben ik alweer ferm afgeweken van de lijn die ik in gedachten had. Maar dat kan geen kwaad. Wat niet recht is, is krom. En een kromme is ook een lijn.

Hup Brugge hup !

 

 

 

 


15 reacties

Als ? broodjes over de toonbank gaan.

Taal. Wat een schitterend iets. Ik stond daarnet in de keuken naast mijn echtgenote. Voor één keer niet enkel ter mentale ondersteuning en/of stoorzenderij, maar (echt waar) om te helpen bij het klaarmaken van het middagmaal. Vanuit de living riep onze dochter “Mama, is het avoir une faim de loup?”.  Mijn hersenen draaiden direct in het rood. Ik was van slag want mijn hoofd kon dit niet aan. Niet alleen dacht ik direct : is het niet avoir faim comme un….?”. Maar bovendien verscheen op mijn netvlies een paard en geen wolf.

Ondertussen zijn we dus een uurtje later en zit ik achter het kleine scherm. Nog helemaal in de ban van de taal schreef ik daarnet een titeltje neer horend bij dit schrijfseltje: “als zoete broodjes over de toonbank gaan”. Yep, dat heet dan … avoir un “bias”. Dus ja, ik geef het toe, ik hou van zoet. Broodjes die zoet zijn liggen bij mij goed in de markt, dus ik ga er gelijk maar van uit dat dit bij iedereen het geval is. Dus als er broodjes gemakkelijk over de toonbank gaan, dan zullen ze in mijn perspectief op de wereld per definitie zoet zijn. Groot was mijn verbazing toen ik het even nakeek.

toonbank

Nu ja, ik had het op zich wel kunnen weten. Want toen ik op zaterdag bij de bakker was lagen er nog heel wat Step(je)s. Op zondag was hun aantal gereduceerd tot het spreekwoordelijke “schaamlapje”. Met andere woorden, er lag nog welgeteld één Steps. Het is duidelijk dat warme/hete dingen behoorlijk goed in de markt liggen. Het is dus verre van onlogisch dat het spreekwoord de volgende vorm aanneemt : “als warme/hete broodjes over de toonbank gaan”. Een skone Miss België met net wat minder textiel verkoopt.

lenti

Er zullen zonder twijfel tijden geweest zijn dat dit boekje “onder de toonbank” aan de man/vrouw gebracht werd, maar ondertussen zijn we wat minder preuts/katholiek geworden als maatschappij en mag het dus gerust boven of zelfs voor de toonbank. Ik plaatste het hierboven staande beeldje in deze blog om er ook wat dierenplezier aan toe te voegen. Maar aandachtige kijkers zullen wel gezien hebben dat de ene miss B de andere niet is. Het zet hem allemaal in de pose en het oog van de fotograaf.

 

 

 


17 reacties

Cee Mee

Today is tag on a tag day !

Zaterdagochtend. Omdat de wekker de ganse week op 6.00 staat, springt het licht in mijn hoofd op zaterdag iets na zessen aan. Ik draai me eens, val nog wat half in slaap en beslis ergens rond 7.00 dat het wellekes was. Ik sleep me naar de badkamer, kleed me uit, ga naakt op de glasschaal staan en kijk naar beneden. OK, dat is niet wat ik eigenlijk wou zien, maar onverwacht is het niet. Ik stap er terug af, kleed me aan, storm de trap af naar de berging. Ik open de deur en laat vrouw nummer vier qua belangrijkheid in mijn dagschema binnen. Ik voorzie haar van melk en eten en heb daarmee een deel van mijn man des huizes taken achter me. Ondertussen maakt juffrouw drie, die is zopas haar puberteit ingestapt, me duidelijk dat ik haar ook wat aandacht moet geven. Dat doe ik dan ook. Met veel plezier voorzie ik ook haar van eten. Ondertussen heb ik de koffie opgezet, want straks komt mevrouw nummer één naar beneden en die heeft absoluut nood aan koffie op zaterdag om op te starten. Terwijl de koffiezet sputtert storm ik naar buiten met juffrouw drie achter me aan, spring op mijn fiets en snel naar de bakker om koffiekoeken voor mevrouw één en juffrouw twee. Goed, na nog veel vijven en zessen zit ik zo ergens tegen 8u15 aan mijn pctje. Vroeger werd mijn zaterdagochtend opgestart via het aandachtig lezen van de krant. Dat vind ik ondertussen tijdverlies, daar staat doorgaans niet veel in dat ik nog het lezen waard vind. Ik lees liever bij jullie een logje.

En zo komt het dus dat ik bij Tiny terecht kwam en DIT las. Mijn Polleketag voor deze maand ligt gezien mijn voorzienigheid alweer even achter me, maar kijk, het heilige Brugse bloed kruipt waar het niet gaanen kan, en uit erkentelijkheid voor die twee “Brugse” bloggerszielen schrijf ik hier nog een verhaaltje. De titel : C(ee) M(ee).

WP_20160423_08_26_31_Pro

Met een bende nog deels vorm-te-geven jongemannen trokken ze de heuvels in vanuit het basiskamp. Gedreven door niet in te tomen energie veroverden ze meter na meter terrein op die ontembare top. Kort na het vertrek verdween de ochtendnevel en verschenen rijkelijk aanwezige zonnestralen die de dappere jonge krijgers extra motiveerden tot grootse daden. Hun CMsjaaltje zwierde heen en weer onder hun flukse passen. Al snel raakte hier en daar een t-shirt bezweet door de inspanning. Enkel de dappersten onder de Galliërs durfden in dit onherbergzame landschap zomaar hun t-shirt uit trekken om met ontbloot bovenlijf verder te gaan. Nu ja, achteraf gezien niet onbegrijpelijk dat ze niet zo talrijk waren, want zeg nu zelf, bergbotinnekes onder te lange kousen, één of andere kort-na-oorlogse short en voor de rest niets, brrr, how not done he Jani ?

Na een paar uur wandelen verdween de zon meer en meer en eigenlijk behoorlijk snel achter een wolkendek. De leider van de troep trok heel even een bedenkelijk gezicht, schatte de afstand naar de top in en koos ervoor verder te trekken. Maar nog voor het bereiken van de top viel hier en daar een druppel. Enkele van de jonge Galliërs stelden zich vragen en vroegen de leider of het niet beter was terug te trekken. Na overleg met zijn staf, en gedreven door snel grijzende lucht, besliste de leider dat het inderdaad beter was om deze missie af te breken. Nu zijn Galliërs best dapper, maar geen enkele van de jongemannen bood weerstand, integendeel, de meesten zagen dit best zitten en de terugtocht verliep in een nog strakker tempo. Met iedere bijkomende druppel aan hemelwater steeg de nervositeit. De lucht zag ondertussen donkergrijs en de “vijand” kwam gevaarlijk snel dichterbij. Zoals wel meer gebeurt bij het terugtrekken na een verloren veldslag was de discipline wat aan het verdwijnen. De leider liet dan ook toe dat de groep afweek van het aangelegde pad en dus trokken we op snel tempo door weiden en velden recht terug naar de kampbasis. Tijdens de laatste kilometer gebeurde dat onder zwaar vijandelijk “vuur”. Uiteindelijk kwamen we verslagen en doorweekt in ons kamp terug.

WP_20160423_08_27_04_Pro

Achteraf gezien was dit moment het meest memorabele van de reis. De vijandelijkheid is evenwel nooit van die vorm geweest dat we onze toevlucht hebben moeten zoeken tot de atoomschuilkelder die in het complex aanwezig was. Uiteraard schreven we allemaal ons briefje naar huis over hoe fantastisch dit allemaal wel niet was. Maar man, als ik zo nu die wittekousengang zie denk ik wel dat een Jani toen misschien aangewezen was.

WP_20160423_08_26_54_Pro

 


33 reacties

Tot da(ara)an toe.

Het is uiteraard niet de eerste keer dat ik hier op deze blog iets schrijf. En het zal zonder twijfel ook niet de laatste keer zijn. Maar het aantal keer dat ik hier nog terecht kom is sterk gedaald. Hier schrijven was in het begin een vorm van bezighoud en therapie. Daarna werd het fun omdat ik in allerlei “blogkringen” ging rondzweven en het aantal lezers toenam. Ondertussen ben ik in de logaritmische vorm van Menck terecht gekomen.

Ok, ondertussen is zijn blog dus “no longer available” en kan ik het punt rond logaritmisch niet echt duidelijk maken. Maar misschien heeft u het direct door als ik het stukje tekst dat hij laatst neerschreef hier integraal plaats. Copyright owned by Menck / twaait.

“De laatste maanden genereerde deze stek dagelijks een gemiddelde van 50 bezichtigingen, de zogenoemde ‘views’. Een jaar geleden waren er dat elke dag nog om en bij de 800.
Het is, kortom, zo helder als pompwater: u lust geen pap meer van blogger dezes en zijn schrijfsels. Waar het aan ligt, daar ligt het aan; de blogosfeer is sowieso ondoorgrondelijk.
Dientengevolge zal de tijdelijke pauze die ik aanvankelijk inlaste, omgeturnd worden tot het eerstdaags geheel verwijderen van Twaait. De kleine schare lezers die me nog restte, wil ik middels dit postje dan ook bedanken voor hun volharding.

Wat ik, na tien jaar bloggen, helaas nooit heb begrepen, is dat sommige bloggers maar een scheet moeten laten en daar ettelijke tientallen reacties voor in de plaats krijgen, terwijl anderen die écht begaan zijn met inhoud, taal, vormgeving en kwaliteit uiteindelijk slechts parels voor de zwijnen werpen.
Logica is aan mij niet besteed, vrees ik.

Misschien tot ooit, misschien ook niet.

Menck”

Wel, wat parels betreft raak ik niet tot aan de enkels van wat Menck op zijn weblog genereerde. Mijn schrijfsels zijn kwalitatief logaritmisch ten opzichte van die van Menck. Dat geldt ook voor mijn lezers denk ik. Maar ik blijf het net als MEnck appreciëren dat er mensen zijn die de moeite nemen om hier eens te komen lezen. Moest het zijn dat het hier straks leeg is, dan is de toegevoegde waarde zo ver weggezakt dat het geen zin meer heeft voor u, maar vooral voor mezelf, om hier te vertoeven. Nu, dat is uiteraard “in no way” erg.

Bon, goed, ik kwam hier vooral even een ode brengen aan Menck, die vooral altijd zichzelf bleef. Menck, ik heb er van genoten, tot later eens ! En in de titel staat misschien iets vreemds, maar het is een soort van intro naar dit : link.  Man, wat heb ik genoten van Daan in het CC van Asse. Persoonlijk vind ik Daan een echte parel. Nu eens blinkend, dan weer mat, maar altijd interessant.

 

 


18 reacties

Ride on !

Good god, het is ondertussen alweer bijna midden april ! De paasklokken gooiden alweer even geleden driftig hun eieren in het rond die de kinderen uitgelaten raapten. Hier en daar (smoelenboek vooral) zag ik een schunnige versie van de paashaas, maar dat hoort erbij denk ik.

Een hele tijd terug had ik me voorgenomen eens per maand een extra beeldje te brengen, en dit in het kader van een soortement Brugse challenge. Omdat ik de deadline wil voor zijn kruip ik nu al even in mijn toetsenbord en begin te typen. Ik reed deze morgen met de jongedame uit ons gezin naar het zwembad om haar te “deponeren” voor een dagje weg. Reeds op de heenweg kreeg ik via een flashback mijn volgende reisbeeldje (passend binnen de challenge) aangeboden, en op de weg terug van het zwembad nam ik een net minder passende foto van het verschijnsel :

WP_20160410_07_35_59_Pro

Yep, nevel en nevelslierten geven een landschap altijd weer iets magisch. Op zich verwachten en weten wij wel dat in dit seizoen deze wonderen der natuur zich al eens aan ons vertonen. Dergelijke uitzichten, ik kan er zo van genieten.

Nu, speciaal voor Polleke, alias Thomas, alias den Pannenkoek, alias “den dienen van Bruhhe”, zocht ik de in de flashback aan me opgedrongen foto op, keek er tien seconden naar, sloot mijn ogen (jaja, dat was voor ik begon te typen), dacht aan wat die foto voor mij betekent en ga dat nu proberen neer te typen. Maar eerst lees ik nog even na wat  Pol den Bruhheling neerschreef als basisguidelines : een mengelmoes van fantasie, waargebeurde leugens, filosofische mijmeringen, reisverhalen, cultuur, mensenproblematiek,… en tegelijk een kleine inkijk in de hersenpan (niet van Thomas, maar wel van Bentenge).

Als kleine jongen las ik de volledige reeks van de Rode Ridder. Elk verhaal opnieuw drong diep in mijn poriëen en ik begon de rode ridder als het ware te ademen. Het gevolg was dat ik op vakantie doorgaans de lonely rider speelde en me maar zeer matig integreerde in wat rond mij gebeurde. Overal zag ik mogelijkheden om in mijn hoofd de rode ridder na te spelen. Maar deze dingen liet ik met opgroeien achter me, tot ik mijn jonkvrouw leerde kennen. Samen met haar trok ik de wijde wereld in op zoek naar onze definitieve vestigingsplaats. We begonnen aan de voet van het Gravensteen, maar deze burcht en zijn omgeving was helemaal niet wat we ons voorgesteld hadden. En dus trokken we verder Oost.

Tijdens een van onze omzwervingen kregen we het volgende op ons netvlies voorgeschoteld :

WP_20160410_08_05_50_Pro

Mijn gemalin en ik besloten dat dit best wel eens het bekijken waard was. En dus daalden we vanuit de heuvels af naar de “bewoonde wereld”. Al snel botste onze idyllische voorstelling met de realiteit. Het volk in deze vestigingen was afstandelijk, begreep niets van wat we hen vertelden, en had wegens hun harde bestaan ook niet de tijd om zich gezellig met ons rond een kampvuur te zetten. Zodra we door hadden dat dit niet de omgeving voor het uitbouwen van een toekomst was gingen we terug op pad. Op weg naar het volgende avontuur.